Leden

Cantabilekoor

Opwijk

Dirigente

Sopranen

Martine Van de Voorde studeerde muziekpedagogie aan het Lemmensinstituut in Leuven, waar haar belangstelling voor koormuziek, die al van in het Halleluja(school)koor diep geworteld zat, onder impuls van Paul Schollaert nog verder werd aangewakkerd. Bij haar afstuderen in 1980 werd ze dirigente van het koor Hartegalm in Aalst en in 1989 startte ze met Kantilene.

 

Later volgde ze met succes koordirectie aan het conservatorium van Brussel bij Juliaan Wilmots.

Gedurende vele jaren zong ze in diverse gerenommeerde ensembles: Il Fondamento o.l.v. Paul Dombrecht, Capella Brugensis o.l.v. Patrick Peire, Ex Tempore o.l.v. Florian Heyerick en het Goeyvaerts consort o.l.v. Marc Michaël De Smet. Met deze ensembles zong ze in binnen- en buitenland en werkte ze mee aan verscheidene CD-opnames. Momenteel zingt ze nog steeds in Rosarioconsort o.l.v. Frederik Meireson.

 

Vorig jaar richtte Martine het damesensemble ‘VIRINOJ’ op en werd ze dirigente van het gemengd Cantabilekoor in Opwijk.

 

Tot voor kort was Martine docente muzikale vorming in de lerarenopleiding kleuteronderwijs aan de Arteveldehogeschool te Gent. Maar zelfs met pensioen zegt Martine de schoolbanken nog geen vaarwel. Momenteel volgt ze gamba en contrabas bij Pieter Vandeveire in de muziekacademie van Lebbeke.

 

Alten

Tenors

Bassen

Bestuur

Liesbet De Koster, Lucia Geeurickx, Mia Lozie, Christel Van den Broeck, Lieve Van Malderen, Ann Willemyns

Ere-leden

 

Anne Dierickx, Myriam Meysman en Annemie Roppe

Tappers

Lid worden ?

 

Wil jij graag deel uitmaken van een gemengd koor dat inspanning en ontspanning weet te combineren en elke week weer nieuwe dingen leert en deelt?

Heb jij ook zoveel noten op je zang als onze koorleden?

Kom dan meezingen bij het gemengd koor Cantabile!

Onder de deskundige leiding van Martine Van de Voorde

Repetitie op maandag van 20 tot 21.30 uur in het Bakhuis (Hof ten Hemelrijk)

Contact: Facebook en cantabilekoor@gmail.com

Website: cantabilekoor.be

Erelid worden ?

 

Wil je graag opgenomen worden in onze eregalerij?

Draag jij het Cantabilekoor een warm hart toe en wil je onze activiteiten financieel ondersteunen?

Dat zouden we bijzonder waarderen!

Een plaatsje in onze eregalerij kost €35/jaar en omvat een serenade aan huis in de kerst/nieuwjaarsperiode. We vermelden jouw naam ook graag op onze website, facebookpagina en in onze programmaboekjes, tenzij je daartegen bezwaar zou hebben.

Overleden leden

Jozefa

Jozefa, het koor Cantabile zal na 9 november nooit meer zijn wat het was. Die dag verlies je immers de lange, pijnlijke en ongelijke strijd tegen je ziekte.

Jozefa, wie had op maandag 20 juni bij onze barbecue kunnen vermoeden dat je er vijf maanden later niet meer zou zijn ? Die avond was je, samen met onze andere tapper Roger, nochtans flink in de weer om ons rijkelijk te voorzien van wijn en bier.

Jozefa, hoe leefde je toch mee met het wel en wee van ons koor ? Hoe kon je zo geduldig luisteren naar onze noden ? Hoe kon je andere leden zo fijngevoelig opbeuren ? Hoe kon je, gezeten achter de toog van het bakhuis, wachtend op het einde van de repetitie, genieten van onze gezangen of een boze vinger opsteken als er te veel gepraat werd ?

Jozefa, hoe hebben we de laatste maanden met je mee-geleefd, wachtend op enig positief nieuws. Het heeft niet mogen zijn.

Jozefa, wij gaan je ontzettend missen.

Slaap nu, ... slaap nu, ... slaap nu maar ...Uit de uitvaartmis

 

Acht zaligheden     (Volgens Mattheus)

Jezus sprak :

Zalig ben je in je eenvoud want dan hoor je bij God thuis

Zalig ben je als je kunt wenen want troost zal jou geboden worden

Zalig ben je als je zacht en liefdevol bent want dan ben je rijk

Zalig ben je als je je inzet voor gerechtigheid want dat zal je voldoening geven

Zalig ben je als je een warm hart hebt want dan zal je warmte voelen

Zalig ben je als je open van geest bent want dan zal je rijker worden

Zalig ben je als je in vrede leeft want dan zal je de wereld mooier maken

Zalig ben je als je je lijden weet te dragen want dan staat God naast jou

Zalig ben je als men je kwaad berokkent want dan kan je groot zijn in vergeving

Wees blij want God is met jou

Denk aan mij

Denk aan mij, mijn God, in al het goede

denk aan mij, wil mij behoeden.

Ik leef voor jou, jij leeft voor mij.

Toon mij je heil, het maakt mij blij.

Aanhoor mijn dringende gebed,

houd mij in mijn liefde ingebed.

God is mijn kruis, mijn lijden, mijn licht.

Jouw aandacht is op mij gericht.

Zal ik jou, zul jij mij dan vergeten ?

Neen, ik weet : jij bent er. Ik blijf het weten.

Rust nu zacht

God heeft aan jou gedacht

Zo is alles goed, het is volbracht.

 

Homilie

Zo dichtte Remco Campert : “Als ik doodga  hoop ik dat je er bent, dat ik je aankijk, dat jij mij aankijkt, dat ik je hand voel, dan zal ik rustig doodgaan, dan hoeft niemand verdrietig te zijn, dan ben ik gelukkig.“

Dat ons moeke gelukkig is nu, dat weten we. Gewoon omdat ze nog steeds bij ons is door haar dood heen.. Wij ademen de sfeer van haar aanwezigheid. Wij horen haar rustig met ons babbelen. Wij zien haar innemende glimlach. Ze is er telkens weer met ontelbare herinneringen waar we ons aan vastklampen om haar dicht bij ons te houden. En we zeggen : “Moeke, jij was de beste. Je was er totaal voor je man, je kinderen en kleinkinderen.”

En ze was ook echt een moeken voor haar kinderen op school. Daar heeft ze met ontzettend veel geduld de jeugd een leidraad gegeven. Ze heeft hen geleerd vriendschap te smeden met elkaar, zoals ze ook vriendschap zocht en gaf aan mensen rond haar. In alle zachtheid gaf ze haar mening, zonder te kwetsen, zonder af te bouwen. Ze had de geve van het luisteren, van het begrijpen, van een geduldige opbouw voor al wat waarde had.

Dat gaf haar een rotsvast optimisme, ook in de teisterende ziekte die ze beetje bij beetje aanvaard heeft. Haar opstandig onbegrip hield ze in grenzen. En hoeveel angst heeft ze niet voor zichzelf gehouden, innerlijk, om anderen niet te bezwaren. Hoe dikwijls zal ze niet gehoopt hebben door de wanhoop heen.

Met het boek Spreuken uit het Oud verbond zeggen wij : ze was een sterke vrouw, die al haar talenten uitspeelde om het geluk van anderen te dienen. Haar laatste daad die ze stelde, toen haar man en kinderen haar vasthielden, was een stralende glimlach die over haar ganse gelaat gleed. Een hemelse glimlach.

Moeken, jij bent nu de hemel voor ons.

 

Mia

Mia overlijdt op 14 september 2009 in Asse en wordt begraven op zaterdag 19 september in Baardegem.

Hieronder volgen de voornaamste teksten uit haar uitvaartmis.

Lezing

Uit het boek Ruth

Ik zou iets willen zeggen tot jullie allen die een stuk van het weefsel van mijn leven waart: de vorm en de kleur die jullie aan mijn bestaan hebben gegeven zijn nu een lied geworden dat ik in eeuwigheid wil zingen.

God heeft me vergund heel wat te presteren, maar nu mijn zonsondergang is aangebroken, zijn mijn daden van niet veel tel. Alleen de echtheid en de bekommernis waarmee ik van jullie heb gehouden, zal getuigen van het leven gevende geschenk dat wij voor elkaar geweest zijn.

Waar jullie gaan, zal ik gaan, waar jullie leven, zal ik leven. waar jullie sterven, zal ik sterven en dan wil ik bij jullie begraven worden.

Zo zullen we voor altijd samen horen en onze liefde zal het geschenk van ons leven zijn.

Getuigenis (Preek)

Beste Reina en Rudi, Eva en Thomas, zus, schoonbroers en -zussen, nichten, neven, kozijn en vrienden van de overledene, geachte aanwezigen,

Mia was een vrouw met kwaliteiten, altijd uitgedost en fijn gemanierd, een dame. Innemend ook, met het hart op de rechte plaats, nooit verlegen om zich in te zetten  voor de anderen.

Ze werd geboren te Meldert, maar verhuisde al vlug met haar ouders naar Mere. Negen jaar oud kwam ze naar Baardegem wonen, in Ons Huis, die plek van ongekunsteld volksleven. Ze was er graag, tussen de boogschutters en de mannen van Cinato, tussen de kaatsers en de toneelspelers. Ze stond zelf ook op de planken, met plezier en met bijval.

De veel te vroege dood van haar vader ontredderde haar. Tegelijk smeedde hij een bijzondere band tussen haar en haar mamá. Sindsdien waren ze altijd samen, die twee, daar veranderde zelfs Mia’s huwelijk met Jef niets aan. En de verhuis naar het Brusselse al evenmin. Daar was ze vanwege de werkomstandigheden van haar man naartoe getrokken, ma ging mee.

De geboorte van haar dochter was een keerpunt in Mia’s leven. Van dan af leefden drie generaties onder hetzelfde dak. Het komt nog nauwelijks voor nu en dat is soms jammer want elke generatie creëert levenskracht voor de andere. Maar dan weer de broosheid van het geluk: Mia verloor ook haar man voortijdig. De dood van haar mamá kwam erbovenop. Bovendien zag ze ook Reina het huis verlaten, maar dat verlies werd gecompenseerd: een begripvolle schoonzoon en twee lieve kleinkinderen veroverden moeiteloos een plaats in haar bestaan.

Na haar pensionering liet ze de hoofdstad achter zich en zocht  in Opwijk naar een zinvolle invulling van haar nieuwe bestaan. Met overgave stortte ze zich op een oude passie: de muziek. Als jong meisje al had ze gezongen, en banjo gespeeld en gitaar. Nu begon ze zich te verder te bekwamen in zang. Ook sloot ze bij enkele koren aan. Haar inzet, haar stiptheid, haar trouw aan een gegeven woord maakten haar geliefd in de groep.

Ze had het dus allemaal in handen, het leven lachte haar toe. Of niet -die verwoestende ziekte toch. Niet zo zeer de lichamelijke aftakeling deed haar lijden, dan wel het besef dat ze altijd alles wat ze lief had gehad te vroeg af moest staan, nu dus ook het eigen leven. Eén straaltje zon toch door de wolken van haar machteloosheid: de voortdurende aanwezigheid van Reina en haar gezin. Want de laatste maanden waren ze weer samen, moeder en dochter, meter en kleinkinderen. Het troostte haar mateloos dat die dierbaren dag en nacht voor haar op de bres stonden. Maar was het dat dan niet wat zij had voorgedaan? Nu zingt Mia niet meer. Of toch: ze zingt een nieuw lied, een canticum novum, een canticum cantabile. Ze zingt het voor de Heer. Cantat Domino. Ze jubelt met het engelenkoor. Canticorum jubilat.

 

Voorbeden

Bidden wij voor Mia, dat haar leven en werken, haar liefde en verlangen, een antwoord krijgen in Gods genade, en dat zij bij God thuis mag zijn.

Laat ons bidden.

Bidden we voor Reina en Rudi, voor Eva en Thomas en voor de hele familie in rouw, dat allen troost mogen vinden bij elkaar en bij God, die hen omringt.

Laat ons bidden.

Bidden wij voor alle mensen die op welke wijze ook te lijden hebben, voor hen die moeten leven met een lege plaats aan hun zijde, voor hen die eenzaam en moedeloos zijn, dat zij hun hart geopend houden in hoop en verwachting.

Laat ons bidden.

Bidden wij voor onszelf, dat we dankbaar mogen blijven voor de liefde en de zorgen, de vreugde en de hartelijkheid die we van Mia ondervonden hebben.

Laat ons bidden.

 

Afscheidswoord van Lieve

Mia heeft het licht gezien

Ze zegt: niemand gaat verloren

Deze woorden van Luc De Vos van Gorki dwalen al de hele week door mijn hoofd. Ik weet niet eens of Mia dat nummer kende, laat staan graag hoorde. Maar deze twee lijnen schetsen voor mij het beeld dat ik van Mia wil bewaren. Zij is ons voorgegaan in ziekte en dood en ze heeft dat op een indrukwekkende manier gedaan. Vandaag staat zij in het licht dat over ons schijnt en stelt ze ons gerust: zij is helemaal niet verloren, van aan de overkant waakt zij over ons en blijft ze ons nabij.

Mia, in naam van het Cantabilekoor kom ik je dag zeggen. Helemaal weg ben je niet voor ons. Want wij, muziekliefhebbers, hebben de grote gave, het grote geluk om over alle dimensies heen  verbondenheid te voelen. Zo hebben we je aanwezigheid goed gevoeld op de repetitie maandag, toen we het nieuws vernamen dat je pas was overleden. Een goede repetitie was het niet, onze stemmen gleden naar beneden, onze ogen zochten naar jouw stoel, op het hoekje op de tweede rij bij de alten. Dat was je vaste stek. We hebben je gekend als een bijzonder stipt en geëngageerd koorlid. Je was een dame van uur en tijd, geen gezever, je kwam om te leren en te repeteren. Maar na de repetitie kon je wel blijven plakken, zoals het een goed Cantabilelid betaamt. Hoe kon je dan genieten van je Duvel, je wijntje, je babbel! Je was altijd geïnteresseerd in andermans verhalen, je informeerde hoe het met ons ging, je luisterde en je lachte mee. Zelfs toen je ziek viel en in behandeling moest, zette je je uiterlijke trots, je verslagenheid, je lichamelijke belemmeringen opzij en kwam je toch blijven repeteren. Je ziekte was geen taboe en ik hoop dat het je geholpen heeft om je leed met ons te delen, al was het maar een beetje. Ik weet dat het je enorm veel pijn heeft gedaan dat je uiteindelijk moest opgeven. Je had de kracht niet meer, hoe graag je dat ook  wou, om je stem aan het zingen te krijgen. En toch heb je je laatste krachten aangesproken om mee te zingen in onze Liefdesmatinee op 15 februari van dit jaar, hier in de kerk van Baardegem. Je hebt je toen nog verontschuldigd dat je achteraf niet kon helpen op de receptie omdat je al je energie in het optreden had gestoken. Om maar te zeggen dat je jezelf, je ziekte aan de kant zou geschoven hebben in het belang van het koor.

Dat we vandaag in Baardegem samen zijn, is geen toeval hè Mia. Dat heb je zelf gewild. Je wortels liggen hier. En hoewel je met je gezin in Woluwe hebt gewoond en later vele jaren in Opwijk, is je hart blijven kloppen voor de Faluintjesstreek. Daarom was je zo in je nopjes toen we ons met het koor engageerden voor de concerten van het Faluintjestheater. De vele repetities in Zaal Ons Huis in Baardegem, die voor jou een vertrouwde thuis was, en de daaropvolgende optredens in de abdij van Affligem hebben je doen opfleuren. Volgens mij waren ze zelfs de rechtstreekse aanleiding van je voornemen om je meisjesdroom waar te maken: zangles gaan volgen. De moeilijke lessen notenleer waren er voor jou niet te veel aan. Naast de fitness had je een tweede passie gevonden in de muziekacademie van Asse en ook daar heb je je voluit gegeven. Met dezelfde inzet en gedrevenheid als bij het Cantabilekoor, sloot je je aan bij het koor van de muziekacademie.

De manier waarop jij je weduwenbestaan invulling hebt gegeven, is voorbeeldig. Je was een dappere vrouw, vol kracht en doorzettingsvermogen met een bezorgd moederhart waaraan we ons allemaal hebben kunnen warmen. Je was ook ongelooflijk jong en fris van geest. Het was een plezier om in jouw gezelschap te zijn. Ik zie je nu met een verlegen glimlach deze lofbetuigingen wegwuiven, want je was ook erg bescheiden en nuchter, met je twee voeten op de grond. Je stond niet graag in de schijnwerpers, maar laat ons nu dat plezier vandaag van die mooie herinneringen met jou in ons op te slaan.

Mia, zoals ik al zei, voor ons ben je niet verloren. In elk lied dat we zingen, in elk glas dat we drinken, elke keer dat we samen zijn, zullen we jou ontmoeten. Daarom hoeven we geen afscheid te nemen, want ooit komen we je vervoegen in het engelenkoor daarboven. Dikke kus x

 

Ghislain

Ghislain overlijdt op zondag 7 februari 2010 en wordt begraven op zaterdag 13 februari 2010 in Londerzeel.

Hieronder volgt de tekst die Lieve schreef en die zij voorlas op zijn begrafenis.

 

Cantabilekoor gedenkt Ghislain (9 maart 1937 – 7 februari 2010)

Londerzeel, Sint-Kristoffelkerk, zaterdag 13 februari 2010

“Het leven is voor een groot deel afscheid nemen. Elke dag laten we iets of iemand achter. De karavaan gaat verder. Volwassen worden is wennen aan het afscheid nemen. Wordt men ooit volwassen?”

Dit is een citaat van Herman Van Rompuy. Het staat in zijn boek De binnenkant op een kier/ Avonden zonder politiek, waarin hij de lezer een inkijk geeft in zijn gedachten en gevoelens bij het leven van alledag. Herman Van Rompuy heeft Ghislain geïnspireerd in zijn afscheid van het leven. Hij had nog naar dit boek gevraagd, maar is er niet meer in geslaagd om het te lezen. Een ander boek van Herman Van Rompuy, Op zoek naar wijsheid, heeft Ghislain begin januari wel nog gelezen.

Zijn zoektocht naar wijsheid en inzicht is voor Ghislain een belangrijk levensdoel geweest. Hij liet zich daarin leiden door zijn poëzie, zijn schilderkunst en zijn muziek. Wij van het Cantabilekoor uit Opwijk zijn vaak deelgenoot geweest van zijn gave om de schoonheid van het leven te vertolken in woord en beeld. Ghislain was onze koordichter, zoals Gent en Antwerpen hun stadsdichter hebben. Een verjaardag, een concert, een feestelijke avond… gelegenheden te over voor Ghislain om zijn koormakkers te trakteren op een gedicht, een beschouwing of een lied… Of een act zoals op onze nieuwjaarsreceptie van 2006, toen hij in streepjespyjama en met pispot kwam aangetreden! Voor ons koorfeest in november vorig jaar tekende Ghislain ook nog present, met Roza aan zijn arm. Geheel in het thema van de jaren stillekes pronkte hij toen in het rijkswachtuniform van wijlen zijn vader. Hoe fier was hij toen, nostalgisch ook, zoals hij verwoordde in een bijpassend gedicht. Het deed hem terugdenken aan zijn fijne kindertijd in Opwijk. Na al die jaren was Opwijk hem trouwens nog altijd enorm dierbaar. We konden zien hoe hij blonk van trots toen hij over zijn geboortedorp sprak, en over d’Esp. Als hij begon te vertellen, was er geen stoppen meer aan. Hij had ook een zeer sterk geheugen. Hij kende de grootouders, de ouders, de kinderen, de tantes en de nonkels. Maar ook hun neven en nichten. En hun buren! Hij bracht een paar keer foto’s mee van het Opwijk uit zijn kindertijd. Foto’s uit de oude doos, die tot leven kwamen dankzij zijn vertellingen.

In september 2005 sloot Ghislain zich aan bij ons koor. Hij kwam weer thuis, zei hij. “Als kind ben ik beginnen zingen in het knapenkoor van Opwijk en ik zal ook in een Opwijks zangkoor eindigen”, is een uitspraak van hem die ons is bijgebleven. Zijn levenslange ervaring als koorzanger was zeker een steun voor onze tenoren. Tot midden december vorig jaar kwam hij stipt repeteren ‘s maandags. En hij kwam niet alleen om te zingen. Hij kon ook genieten van een glas achteraf en natuurlijk van zijn babbel! Nooit heeft hij zijn ziekte voor ons verdoezeld. Bij elke vraag naar zijn toestand was zijn antwoord openhartig. En opmerkelijk nuchter ook. Toen we vorige zomer ons koorlid Mia aan kanker verloren, merkte hij op dat hij de volgende zou zijn. In het koor hebben we Ghislain van week tot week zwakker zien worden. Lichamelijk dan want tegelijk keken we met bewondering naar zijn moed om vol te houden. Zijn stoel in ons Bakhuis blijft nu leeg… Die lege plaats zal ons blijvend herinneren aan een koorlid, een vriend, die ons zoveel schoonheid rondom heeft leren zien en horen. Een waardevolle nalatenschap die we van Ghislain dankbaar aanvaarden! Dank ook aan Roza, voor haar steun en aanmoediging naar Ghislain toe, dat hij zo lang naar het koor is kunnen blijven komen…

Gepassioneerd als hij was, informeerde hij ons regelmatig over tentoonstellingen en concerten die hij zelf interessant vond. Ghislain kwam tijd te kort. Eén leven was voor hem te weinig. Kunst heeft hem mateloos geboeid. En in wie de kunst banaliseerde, kon hij zich mateloos ergeren. Voor Ghislain was de kunst telkens een poging om boven het leven uit te stijgen. Dag Ghislain, tot ziens ginds bij het hemelkoor!

 

Jan

 

 

 

 

 

 

 

 

Alois